Groentensprokkel 33

Beste abonnee, klant, voedselteamer,

Ze hebben het in hun startjaar niet zo gemakkelijk op het land, onze nieuwe boer en boerin. Het eerste jaar dat ze helemaal zelf het teeltplan van begin tot einde volbrengen op het Zonnekouterland, is het droogste jaar dat we hier al hebben mogen meemaken. Ons land zit momenteel op haar tandvlees; door het warme droge weer wordt haar veerkracht zwaar op de proef gesteld. Je mag in zo’n jaar dan ook maar weinig foutjes maken of het loopt mis. Dat maakt het anderzijds ook een erg leerrijk jaar (zo heeft alles weer haar goede kant): de groenten tonen vlugger wat er misgaat, zodat je door goed waar te nemen vlug veel wijzer kunt worden.

Ook een ideaal jaar om de waterhuishouding van onze bodem te leren doorgronden. Hoe er in de diepte toch meer vocht zit dan je aan de oppervakte zou vermoeden. En hoe je met een minimum aan water op het juiste moment toch een teelt kan redden. En je dan de eindeloze boerendiscipline eigen te maken om een gans jaar lang de juiste dingen op dat juiste moment te doen!

Een mooi jaar ook om te ervaren hoe de gewassen, ondanks de moeilijke omstandigheden, toch het beste van zichzelf geven. Hoe alle bonen na een eerste gulle bonendracht geen schone vruchten meer produceerden, omdat het te heet was voor een goede bevruchting. Terwijl ze nu op de valreep, net nu ze plaats moeten ruimen voor selder en andijvie, plots weer in volle productie zijn geschoten, waarvoor dank!.

Hoe de komkommers het koude voorjaar en de wind slecht verdroegen, maar toch even op hun tanden moesten bijten omdat de serre goed verlucht moest blijven voor de tomaten. En er uiteindelijk wel doorgroeiden, en nu nog altijd mooie vruchten dragen.

Hoe de droogte zelfs onze lichte zandgrond de hardheid van beton geeft, maar dat onze wortelen er zich toch een weg doorheen boren,al zien ze er nu wel wat hoekig uit van al die inspanning.

En hoe onze serrebodem op eigen kracht een aanval van Sclerotinia (een lastig schimmeltje, dat in ’t voorjaar veel van onze sla had doen rotten en ook de snijbonen begon aan te tasten) onder de knoet kreeg. Of hoe waardevol het gebruik van compost voor een bodem is, die al dat bodemleven in evenwicht helpt te houden.

Hoe het gras hier op onze weiden niet echt veel groeit, maar toch nog groener blijft dat op de lagere nattere gronden van de buren. Alweer: ode aan de compost!

Ze doen dat overigens fantastisch, de tandem Arne en Katrien, mooi om zien ook hoe ze langzaamaan nieuwe ideeën aanbrengen en hun eigen stempel zetten, en de organisatie meer en meer zelf in handen nemen. Meer kleuren in de warmoes, meer vormen in de paprika’s. Veel rucola het hele seizoen door: een lekkere meerwaarde, die ook nog eens goed opbrengt. Vroege rode bietjes, die op onze zandgrond malser zijn en veel fijner smaken dan die van de zware gronden. Een schoffelrol achter de tractor: minder onkruid met minder werk! Leren creatief omgaan met wortelvlieg. Zonnekouter-T-shirts. Meer leuke beestenboel voor en door Arne. Nieuwe contacten met andere collega’s, meer jong volk op den hof, een wekelijks vrijdagavond-aperitief met de medewerkers. Wat dan ook weer het oudere volk aantrekt om hier te komen klussen…

Lien blijft zich ondertussen op ’t land bewijzen als snelste spruiten-en-bonenplukster en wortelwiedster, waarna ze (na een kleine wasbeurt en een proper schortje) de Zonnekouterwinkel doet draaien als nooit tevoren. Die geraakt ondertussen ook helemaal afgewerkt en ‘gepimpt’ (met dank aan Jean-Pierre!). Met nu ook al een thermos koffie en thee buiten op tafel voor de klanten tijdens de winkeluren.

Ik blijf, zoals vroeger, de abonnementen organiseren en de contacten met voedselteams onderhouden, het overzicht houden, mee aansturen, voor een aantal teelten zorgen, verzorg het biologisch-dynamische en de natuur op de Zonnekouter in functie van bijen, vogels, insecten…

En Walter kijkt mee over onze schouders, geeft vanuit zijn lange ervaring en zijn gezond boerenverstand raad waar nodig (ook waar wij denken dat het niet nodig is, blijkt die achteraf toch dikwijls nuttig), houdt ons wakker, filosofeert, ziet dat het (meestal wel) goed gaat, en geniet daar ook van.

Zo’n project beheren heeft trouwens ook wel iets van een teelt opvolgen. Je kan je aandacht focussen op de paar zwakke broertjes die er tussen groeien, die geven erg vlug een signaal dat er iets niet goed zit; daar kan je kan er iets van leren, hoe je iets beter kan doen. Maar het is minstens zo belangrijk om naar het totaalbeeld, de vitaliteit van het geheel te kijken, naar de rijkdom aan voeding die het totale gewas ons schenkt. Dat toont of de voedingsbodem goed zit, daar krijgen we energie van!

Volgend jaar kunnen Arne en Katrien met al die opgedane ervaringen al heel wat wijzer beginnen. En dan zullen er toch weer andere dingen beter gaan en mislopen, omdat ieder jaar (gelukkig) weer anders is, en levende have onvoorspelbaar blijft. Het blijkt een wetmatigheid: het vraagt een hele vruchtwisseling tijd (hier dus zes jaar) om je een bedrijf eigen te maken in al haar aspecten. En dan kun je nog een heel leven verder leren, want de geheimen van het leven geven zich maar met mondjesmaat prijs…

An

Samenstelling Pakket

Klein:  sla, prinsessen, tomaten, courgettes van de Zonnekouter; rode biet van de Kolleboem; aubergines van Ourbouros

Groot:   sla, wortel, snijbonen, komkommer, venkel, kerstomaat, rucola van de Zonnekouter; spitskool van de Kolleboem

Gemengd:  sla, rode zoete puntpaprika, snijbonen van de Zonnekouter, spitskool van de Kollebloem; blauwe bes van O’Bio; peer Williams (Fr), nectarine (Es) via Biofresh

Fruit: blauwe bes van O’Bio; peer Williams (Fr), pruimen rood (Es), nectarine (Es) via Biofresh

Brood: de biobakker is nog met vakantie…